Erfgoed verbindt: dat is het vertrouwde credo in de cultureel-erfgoedsector. Maar in tijden van conflict kan erfgoed een strategisch doelwit worden en een bron van oorlogsretoriek en -daden. Volgens de bekende slaviste prof. Lien Verpoest (KU Leuven) wordt cultureel erfgoed vandaag bewust als wapen ingezet in geopolitieke conflicten: om identiteiten uit te wissen, geschiedenis te herschrijven en macht te legitimeren.
Roel Daenen
Het is precies dat proces dat Verpoest onderzoekt. Vanuit haar expertise over Oost-Europa en de post-sovjetregio bestudeert ze hoe erfgoed vandaag een rol speelt in oorlog, diplomatie en internationale politiek.[i] De oorlog in Oekraïne maakt volgens haar pijnlijk duidelijk dat monumenten, musea en historische plekken veel meer zijn dan stenen of objecten.
[i] Zie https://www.kuleuven.be/her-ukr. Het project HER-UKR: Uitdagingen en kansen voor EU-erfgoeddiplomatie in Oekraïne onderzoekt de rol van cultureel erfgoed in het buitenlandbeleid van de EU. Het project wordt meegefinancierd door de EU in het kader van de ERASMUS+ Jean Monnet- Policy Debate-lijn. De coördinatie gebeurt door de KU Leuven, onder leiding van prof. Verpoest.
Prof. dr. Lien Verpoest
Erfgoed wordt vaak voorgesteld als gemeenschapsvormend. Jij stelt dat het evengoed kan verdelen, met name in oorlogstijd. Wanneer is dat inzicht gegroeid?
“Om te beginnen: ik ben geen klassieke erfgoedonderzoeker. Mijn onderzoek vertrekt vanuit diplomatieke geschiedenis en de relaties tussen Oost en West. Gaandeweg merkte ik hoe cultuur en erfgoed steeds vaker een rol spelen in internationale politiek. Het klopt inderdaad dat lange tijd het idee overheerste dat erfgoed bruggen bouwt, zelfs in conflictsituaties. Dat is zeker niet onwaar, maar toen ik naar Oost-Europa keek, en vooral naar Oekraïne na de annexatie van de Krim in 2014, groeide het besef dat het ook kan worden ingezet om conflicten aan te wakkeren.”
Hoe uit zich dat concreet?
“Er zijn verschillende mechanismen. Het eerste is gecontesteerd erfgoed: erfgoed dat door verschillende landen wordt opgeëist, zoals het Scythische goud uit de Krim. Toen Rusland de Krim annexeerde claimden zowel Oekraïne als Rusland die collectie – op dat moment te zien in het Allard Piersonmuseum in Amsterdam. Die juridische strijd is al jaren bezig.[ii] Daarnaast zie je dat erfgoed zelf een instrument van conflict wordt. Dat noemen we de weaponization of heritage: erfgoed wordt bewust gebruikt als politiek en strategisch middel.”
[ii] Midden maart dit jaar spande Rusland een strafzaak aan tegen Nederland wegens de ‘diefstal’ van het Krimgoud, zie https://nos.nl/artikel/2606224-rusland-spant-strafzaak-aan-tegen-nederland-wegens-diefstal-van-krimgoud
Het project Postcards from Ukrain toont de schade die de Russissche troepen aan de Oekraïense cultuur hebben toegebracht. Op de foto’s: het Hryhorii Skovoroda Museum in Skovorodnivka (Kharkiv), vernield op 6 mei 2022 door artillerie.
Dat werd na 2022 pas heel duidelijk.
“Absoluut. Voor de grootschalige Russische invasie was erfgoed het terrein van academici en erfgoedwerkers. Maar sinds 24 februari 2022 zien we hoe Oekraïens erfgoed stelselmatig en doelbewust wordt vernietigd en geroofd. Niet alleen historische gebouwen, maar ook musea, monumenten en religieus erfgoed worden geviseerd. Dat is allerminst toevallig. De bedoeling van Rusland is om een bevolking in haar identiteit en collectieve geheugen te treffen.”
Met welk doel?
“Om het Oekraïense volk te ontwortelen. Erfgoed vertelt wie je bent en waar je vandaan komt. Als je die tastbare ankerpunten vernietigt, probeer je ook het verhaal van een gemeenschap uit te wissen. De vroegste bronnen van Oekraïne gaan terug tot de 9e eeuw.”
"De bedoeling van Rusland is om een bevolking in haar identiteit en collectieve geheugen te treffen.”
Het blijkt een averechts effect te hebben.
“Dat is inderdaad een van de paradoxen die we onderzoeken. Vernietiging versterkt vaak net de identiteit die men wil breken. Wanneer monumenten worden aangevallen en musea geplunderd, groeit het besef dat niet alleen gebouwen, maar ook een gedeeld verleden wordt bedreigd. Dat zorgt vaak voor een sterkere identificatie met dat erfgoed. ‘Dit is van ons, dit zijn wij!’”
Je onderscheidt drie strategieën in het Russische ‘erfgoedbeleid’ tegenover en in Oekraïne. Welke zijn dat?
“De eerste is wat je kan omschrijven als ‘resovjetisering’. In de bezette gebieden worden sovjetmonumenten opnieuw opgericht, oude straatnamen keren terug en eerdere ‘decommuniseringsmaatregelen’ worden teruggedraaid. Want na 2014 ontstond er in Oekraïne een debat over sovjeterfgoed.[i] Monumenten werden toen stelselmatig afgebroken, al waren er wel uitzonderingen. Zo pleitten kunstenaars en erfgoedwerkers ervoor om de prachtige, waardevolle sovjetmozaïeken te behouden. Niet omdat ze een ideologie wilden verdedigen, maar omdat ze artistiek en historisch belangrijk zijn. Maar veel is dus wel verdwenen. De tweede strategie is de doelbewuste vernietiging van Oekraïens erfgoed door Rusland. Sinds 2022 zie je een ongeziene vernietiging van Oekraïens bouwkundig erfgoed op grote schaal, maar er zijn ook symbolische acties. Het bekendste voorbeeld zijn de standbeelden van Taras Shevchenko, de nationale dichter van Oekraïne.[ii] Die staan overal in het land, vergelijkbaar met die van Garibaldi in Italië. Op verschillende plaatsen werden ze doelgericht beschoten – een kogel door het hoofd – of vernield. En de derde strategie is misschien de meest subtiele: Oekraïens erfgoed wordt als Russisch voorgesteld. Vooral religieuze sites spelen daarin een belangrijke rol. Door te stellen dat de oorsprong van de Russische beschaving in Kyiv ligt, probeert men de Oekraïense nationale geschiedenis ondergeschikt te maken aan het grotere, glorieuze Russische verhaal. Uiteindelijk gaat het over historische legitimiteit. Als je kan claimen dat het verleden van iemand anders eigenlijk jouw verleden is, ondergraaf je ook diens bestaansrecht als aparte natie.”
Daarbij aansluitend: in je onderzoek speelt ‘het narratief’ een centrale rol. Waarom?
“Omdat oorlog vandaag niet alleen op het terrein wordt uitgevochten, maar ook op communicatievlak. Wij onderzoeken hoe Rusland én Oekraïne betekenis geven aan de vernietiging van het erfgoed. Aan Russische zijde zie je een uitgewerkt verhaal waarin de eigen identiteit zogezegd wordt bedreigd. Oekraïne zou Russisch erfgoed vernietigen, de Russische taal onderdrukken en de Russische bevolking bedreigen. Dat narratief is niet in de eerste plaats bedoeld om het Westen te overtuigen, maar vooral gericht op de eigen bevolking.”
Propaganda dus?
“Het is veel meer dan propaganda alleen. Het is strategische communicatie. Ze creëert een kader waarin militair optreden vanzelfsprekend en nodig lijkt. Wij analyseren onder meer de communicatie van Russkiy Mir, een door de Russische overheid ondersteunde organisatie die een belangrijke rol speelt in de verspreiding van dat wereldbeeld.[iii] Daar zie je voortdurend berichten verschijnen over zogenaamd bedreigd Russisch erfgoed.”
Hoe reageert Oekraïne daarop?
“Opvallend genoeg ontstaat een spiegelbeeld: ook Oekraïne ontwikkelt een sterk narratief, zij het vanuit een andere positie. Oekraïne probeert vooral te documenteren wat vernietigd wordt en daarmee internationale steun te mobiliseren. Men probeert te documenteren wat verloren gaat en foutieve claims te weerleggen. Aan Russische zijde zien we iets anders: daar wordt de geschiedenis actief herschreven. De beide narratieven versterken elkaar voortdurend. Er is nauwelijks nog communicatie tussen die beide werelden, het zijn parallelle werkelijkheden geworden. Dat begon ruim voor de invasie van 2022. Denk aan Poetins spraakmakende essay waarin hij stelt dat Russen en Oekraïners één volk zijn.[iv] Historici wezen op de historische onjuistheden, maar politiek was dit een veelbetekenend document. En een voorbode van wat zou volgen.”
[i] Eerder berichtten we in dit blad over die problematiek, met name in Letland, zie Liene Lūsīte, ‘Met de borstel door de geschiedenis? De problematiek van het monumentale sovjetverleden’, in: faro, 18(2025)1, pp. 70-73, online te lezen via https://issuu.com/faronet/docs/faro_tijdschrift_over_cultureel_erfgoed_18_2025/70
[iv] ‘On the Historical Unity of Russians and Ukrainians’, in het Engels te lezen op http://en.kremlin.ru/events/president/news/66181
Postcards from Ukrain: de AN-225, ‘Miria’, vernield op 27 februari 2022 door artillerie.
Je hebt het ook over ‘narratieve stiltes’. Wat bedoel je daarmee?
“Niet alleen wat wordt verteld is belangrijk, maar ook waarover wordt gezwegen. Dat zien we duidelijk bij de plundering van de Oekraïense musea. Zo hebben we onderzocht hoe beide partijen communiceren over twee musea in Cherson, een stad in het zuiden van Oekraïne. Toen Cherson in 2022 werd veroverd, werden de collecties geroofd. Volgens de Russische kijk gebeurde dat om ze ‘veilig te stellen’. Men beriep zich zelfs op internationale verdragen en stelde dat de collecties tijdelijk naar de Krim waren overgebracht om ze te beschermen. Maar welke objecten zijn precies meegenomen? Onder welke omstandigheden? Waar bevinden ze zich nu? Op die vragen komt geen antwoord.”
Wat zeggen de Oekraïense bronnen?
“Die geven een compleet ander beeld. Dankzij inventarissen, foto's en getuigenissen kon men reconstrueren hoe die collecties haastig werden afgevoerd, vaak zonder de meest elementaire voorzorgsmaatregelen – zo de vrachtwagen in! Grote delen zijn verdwenen. Bovendien zijn sommige objecten fysiek en/of digitaal opgedoken in Russische musea. Er zijn ook aanwijzingen dat een deel op de illegale kunstmarkt is terechtgekomen. Dat alles wordt door Oekraïense onderzoekers zorgvuldig gedocumenteerd, in de hoop dat ze via de juridische weg kunnen terugkeren.”
Waarom beroept Rusland zich op het internationaal recht?
“Dat lijkt paradoxaal, maar het past in dezelfde communicatiestrategie. Uiteraard is dat verhaal bedoeld voor het binnenlandse publiek. Rusland wil ook internationaal het beeld ophouden dat het handelt binnen de bestaande rechtsorde. Dat zien we al sinds de annexatie van de Krim. Toen werd het argument gebruikt dat de Russische bevolking beschermd moest worden tegen een dreigende genocide. Daarmee probeerde men zich te beroepen op het principe van de ‘Responsibility to Protect’.[i] Internationaal hield dat argument geen steek, maar het narratief bleef bestaan.”
Geloven de Russen daar nu nog zelf in?
“Dat is moeilijk te beantwoorden, maar ik heb de indruk dat men het gaandeweg zelf is gaan geloven. Rusland blijft zich presenteren als een staat die het internationaal recht respecteert en cultureel erfgoed beschermt, ook al staat dat haaks op wat op het terrein gebeurt.”
Je beleidsrapport pleit ervoor om erfgoed sterker te verbinden met defensie en veiligheidsbeleid. Dat klinkt voor Vlaanderen (en bij uitbreiding België) ongewoon.
“Misschien wel, maar onze buurlanden tonen dat het perfect mogelijk is. Nederland is een goed voorbeeld. Binnen Defensie bestaat er een gespecialiseerde werking rond de bescherming van cultureel erfgoed. Militairen krijgen er opleidingen over hoe ze tijdens missies moeten omgaan met erfgoedlocaties en museale collecties. Hier staan we nog maar aan het begin van die denkoefening.”
[i] Zie voor tekst en uitleg: https://www.un.org/en/genocide-prevention/responsibility-protect/about. Kort: dit is een VN-principe dat stelt dat staten de plicht hebben hun eigen bevolking te beschermen tegen genocide, oorlogsmisdaden, etnische zuivering en misdaden tegen de menselijkheid.
"Als je kan claimen dat het verleden van iemand anders eigenlijk jouw verleden is, ondergraaf je ook diens bestaansrecht als aparte natie."
Waarom is die samenwerking nodig?
“Omdat oorlog geen abstract begrip meer is. De Oekraïense ervaring leert dat je voorbereid moet zijn voor de crisis uitbreekt. Dat betekent niet alleen onderzoek doen, maar ook erfgoedprofessionals, beleidsmakers, diplomaten en militairen samenbrengen. Want wat doe je wanneer een museum wordt getroffen? Hoe beveilig je collecties? Welke inventarissen moeten beschikbaar zijn? Hoe communiceer je? Die vragen kan je onmogelijk pas beginnen stellen wanneer de crisis zich aandient.”
Erfgoedwerkers krijgen dan een heel andere rol.
“Precies. In Oekraïne worden ze letterlijk gezien als verdedigers van het land. Niet omdat ze wapens dragen, maar omdat ze het collectieve geheugen beschermen. Tijdens workshops merkten we hoe verschillende disciplines naar dezelfde crisis kijken. Beleidsmakers denken doorgaans aan procedures, onderzoekers aan structuren, maar erfgoedprofessionals denken onmiddellijk aan verpakkingsmateriaal, nooddepots, inventarissen en evacuatieplannen. Net die praktische kennis blijkt van onschatbare waarde.”
Vind je dat Vlaanderen zich voldoende bewust is van de waarde van zijn erfgoed en de mogelijke risico’s?
“Moeilijk te zeggen. Misschien net omdat er zoveel is, staan we er niet altijd bij stil. Kerken, historische gebouwen, archieven en musea lijken vanzelfsprekend. Tot ze verdwijnen! Ik denk niet dat we hier dezelfde situatie zullen meemaken als in Oekraïne. Maar de waterbom in Wallonië in juli 2021 heeft ons geleerd dat voorbereiding wel degelijk zin heeft. Net zoals we vandaag nadenken over erfgoed en rampen, moeten we ook durven nadenken over erfgoed en conflict.”
Ondanks alle menselijke drama’s blijf je aandacht vragen voor erfgoed. Waarom?
“Omdat erfgoed nooit losstaat van mensen. Natuurlijk zijn veiligheid, voedsel en onderdak de eerste prioriteiten. Niemand betwist dat. Maar zodra een samenleving opnieuw overeind probeert te krabbelen, volgt de vraag wat ze precies opnieuw wil opbouwen. Dan gaat het niet alleen over woningen of infrastructuur, maar ook over identiteit, herinnering en geschiedenis. Erfgoed maakt daarvan onlosmakelijk deel uit.”
Wat neem je mee uit de samenwerking met de Oekraïense collega's?
“Vooral heel veel bewondering. Ik vergader geregeld met onderzoekers die tijdens een luchtalarm vanuit een schuilkelder inloggen of een overleg moeten verlaten omdat de elektriciteit uitvalt. Sommigen zijn hun veldwerk kwijtgeraakt omdat het gebied bezet is. Anderen hebben aan het front gevochten of raakten zwaargewond. Dat maakt de oorlog heel tastbaar. Je beseft telkens opnieuw onder welke omstandigheden zij blijven werken aan onderzoek, onderwijs en erfgoedzorg. En misschien is dat uiteindelijk de belangrijkste les: erfgoed gaat niet alleen over het verleden. Het gaat ook over de veerkracht van mensen die, zelfs in oorlogstijd, blijven geloven dat hun geschiedenis het verdient om bewaard te worden.”
Postcards from Ukrain: buste van Taras Shevchenko in Borodianka (Kyiv), vernield op 2 april 2022 door vuurwapens.
Meer weten?
Roel Daenen is communicatiecoördinator bij FARO en hoofdredacteur van faro.